Opname op de afdeling bij een eetstoornis

Bij een eetstoornis kan een opname op de Verpleegafdeling Kind & Jeugd nodig zijn. Door de eetstoornis kan er sprake zijn van (ernstig) gewichtsverlies, waardoor het lichaam in een kwetsbare of gevaarlijke situatie komt. Tijdens de opname wordt gewerkt aan herstel en het versterken van het lichaam.

Opname

Bij de opname zijn verschillende zorgverleners betrokken. Zij werken samen om zo goed mogelijke zorg te bieden.

Kinderarts

De kinderarts is de hoofdbehandelaar en houdt toezicht op de lichamelijke gezondheid. De kinderarts bepaalt hoe de voeding wordt opgebouwd en volgt het herstel.

Verpleegkundige

De verpleegkundige biedt dagelijkse zorg en begeleiding. Taken zijn onder andere:

  • Wegen in de ochtend
  • Meten van bijvoorbeeld de bloeddruk en temperatuur
  • Begeleiden van eetmomenten
  • Geven van sondevoeding indien nodig

Medisch Pedagogisch Zorgverlener (MPZ)

De MPZ biedt ondersteuning tijdens eetmomenten en helpt bij het opstellen van een dagprogramma. Er is ruimte om te praten over gedachten, gevoelens en doelen. Ook zijn ze er voor ontspanning, zoals een spel of creatieve activiteit.

Diëtist

De diëtist stelt een persoonlijk voedingsplan op en geeft uitleg en advies over voeding.

Kinderpsychiater

Wanneer nodig denkt de kinderpsychiater mee over passende behandeling. Ook kan deze, indien nodig, medicatie voorschrijven.

Afspraken

Om de opname zo duidelijk en gestructureerd mogelijk te laten verlopen, worden er afspraken gemaakt. Deze afspraken bieden houvast tijdens en worden samen met de medisch pedagogisch zorgverleners opgesteld.

Tijdens een overleg bespreken zorgverleners de voortgang. Indien nodig worden afspraken aangepast. Eventuele veranderingen worden daarna besproken met de patiënt en de ouders/verzorgers.

Hoe ziet de opname eruit?

Het belangrijkste doel van de opname is lichamelijk herstel en stabilisatie. Daarom vinden regelmatig onderzoeken plaats, zoals bloedonderzoek en een hartfilmpje.

Er wordt gewerkt met een vast dagprogramma. De zes eetmomenten en afspraken rondom beweging staan vast. Daaromheen is ruimte voor persoonlijke invulling en activiteiten die aansluiten bij wat prettig voelt.