Er zijn 2 manieren om een bloedtoegang voor dialyse aan te leggen:
Verbinding tussen een eigen ader en slagader (AV-fistel)
Bij deze operatie maakt de arts een verbinding tussen een ader en een slagader in uw pols of elleboog. Omdat de bloeddruk in een slagader hoger is dan in een ader, stroomt er na de operatie veel meer bloed door de ader.
In de weken daarna wordt de ader groter en steviger. Hierdoor kan de ader later goed worden aangeprikt voor de dialyse. Dit proces heet rijping en duurt ongeveer 6 weken.
Een AV-fistel gaat vaak lang mee en kan meestal jarenlang worden gebruikt voor dialyse.
Kunststof shunt
Soms zijn de eigen bloedvaten niet geschikt voor een AV-fistel. Bijvoorbeeld als de bloedvaten te smal zijn of vernauwingen hebben. Dan kan de arts een kunststof bloedvat plaatsen tussen een slagader en een ader in de arm. Dit heet een kunststof shunt.
Een voordeel van een kunststof shunt is dat deze meestal al na 2 weken gebruikt kan worden voor dialyse. Ook zorgt deze shunt voor een goede doorstroming van het bloed.
Een nadeel is dat er vernauwingen kunnen ontstaan op de plekken waar de shunt is vastgemaakt. Daardoor gaat een kunststof shunt vaak minder lang mee dan een AV-fistel.
Na de operatie moet u ook bloedverdunners gebruiken.