U heeft een operatie voor een heupprothese gehad. Tijdens de operatie is het gewrichtskapsel opengemaakt. De spieren die de gewrichtsdelen bij elkaar houden zijn opzijgelegd. Het gewrichtskapsel en de spieren zijn daardoor verzwakt en hebben tijd nodig om te herstellen. Er is een kleine kans dat de heupkop uit de kom schiet. Dit noemen we een heupluxatie. U maakt de kans heel klein als u zich aan de onderstaande leefregels houdt.
Blijvende leefregels
U mag uw been niet naar binnen draaien in combinatie met het verder buigen dan 90° (een rechte hoek). Dit is belangrijk, omdat anders de heupkop uit de kom kan gaan. Duw niet door als het niet lukt om een bepaalde beweging met de heup te maken.


Zitten en liggen
Zitten
Zet uw been naar voren bij het gaan staan en zitten.
Ga niet op een te lage stoel zitten.

Kruis uw benen niet.

Ga niet met uw been naar binnen gedraaid zitten.

In bed
U mag liggen zoals u wilt.
U mag aan beide kanten het bed instappen en uitstappen.
Bewegen
Lopen met een hulpmiddel
U kunt meteen na de operatie op het geopereerde been staan.
Het operatiegebied moet nog wel genezen. Gebruik daarom de eerste 6 weken een loophulpmiddel.
De fysiotherapeut begeleidt u bij het afbouwen van het loophulpmiddel.
Kousen en schoenen aantrekken
Bij het aantrekken van uw kousen en schoenen let u erop dat u het been of de knie niet naar binnen draait.
Ga met uw handen niet buitenom.


Ga met uw armen tussen uw benen door.

Gebruik een schoenlepel om uw schoenen aan te trekken.

Bukken/iets oprapen
U kunt bukken door het geopereerde been naar achteren te zetten en met 1 hand te steunen op een tafel of stoel.

Raap spullen op met een handgrijper.
Reik niet vanuit zit naar de grond met de armen buiten de benen om.


Hurken en knielen
U mag niet meer hurken.
Knielen mag wel. Doe dit als volgt:
Ga eerst met de knie van het geopereerde been naar de grond.
Bij het opstaan zet u eerst de voet van het niet-geopereerde been op de grond.
Met beide handen kunt u steunen op de knie van het niet-geopereerde been om overeind te komen.
Fietsen en autorijden
U kunt weer fietsen en autorijden als u goed zelfstandig zonder loophulpmiddel kunt lopen. Overleg dit altijd met uw fysiotherapeut of orthopedisch chirurg.
Seksuele activiteit
Seksuele activiteit is meestal weer mogelijk vanaf 4-6 weken na de operatie. Vermijd bewegingen die het risico op een heupluxatie vergroten.
Sport en werk
Sporten
- U mag zwemmen zodra de wond dicht is en het lopen veilig en stabiel gaat.
- Doe geen sporten waarbij er veel kracht op de heupprothese komt, zoals hardlopen of skiën.
- Bespreek met uw fysiotherapeut of orthopeed op welke manier u weer veilig kunt beginnen met sporten.
Weer werken
Wanneer u weer kunt beginnen met werken, hangt af van het soort werk dat u doet. De Arbo-arts of bedrijfsarts begeleidt u bij het weer gaan werken. Neem zelf contact op met deze arts.
Tips voor de eerste 6 weken
Aankleden en uitkleden
Probeer alles zoveel mogelijk zittend te doen. Vooral bij het aantrekken van een (onder)broek, kousen en schoenen.
Gebruik hulpmiddelen, zoals een kousenaantrekker, een lange schoenlepel en een handgrijper.


Huishoudelijke activiteiten
Leg spullen die u vaak gebruikt tussen heup en schouderhoogte. Dan hoeft u niet steeds te bukken of te reiken.
Autorijden
Zet de autostoel zover mogelijk naar achteren.
Leg een stevig kussen op de stoel als de auto en autostoel erg laag zijn.
Kantel de rugleuning van de autostoel een beetje naar achteren. Hierdoor wordt in- en uitstappen wat makkelijker.
