28 september 2021 Bij liesbreuk in één keer klaar in Ziekenhuis Rivierenland

Ziekenhuis Rivierenland biedt een ‘single visit’ behandeling voor mensen met een liesbreuk. Dit houdt in dat zowel de afspraak op de polikliniek als het gesprek met de anesthesist en ook de operatie zelf, allemaal op één dag plaatsvinden. Hierdoor hoef je als patiënt niet meerdere keren een afspraak te maken in het ziekenhuis.

“Veel mensen ervaren dit als een groot voordeel, omdat ze dan niet drie keer vrij hoeven te vragen op hun werk”, aldus Marijn Takkenberg. Hij is één van de vier liesbreukchirurgen in Ziekenhuis Riviereland. Samen met zijn collega’s opereert hij jaarlijks zo’n zeshonderd mensen met een liesbreuk. De operatietechniek die zij gebruiken, is een voordeel voor de patiënt. De behandeling vindt plaats met een operatie vanuit de achterkant van de buikwand. Dit is minder belastend en het herstel is sneller. Na de operatie kunnen mensen vlotter hun normale werkzaamheden oppakken.

Kortere wachttijd

“Voor ons ziekenhuis is de liesbreukzorg een speerpunt, daarom zijn patiënten hier aan het goede adres”, aldus Marijn Takkenberg. Door de coronacrisis zijn de wachttijden voor een liesbreukoperatie in veel ziekenhuizen gestegen. Ook het Tielse ziekenhuis ontkomt hier niet aan. De chirurgen hebben zelf ook maandenlang minder operaties kunnen doen. In die tijd sprongen ze bij op de Covid-afdeling. Inmiddels worden de achterstanden hard weggewerkt. Takkenberg: “Uiteindelijk willen we weer terug naar een wachttijd van drie weken, wat ons één van de snelste behandelaars maakt.”

Samen beslissen

Een liesbreuk is een zwakke plek in de buikwand. Daardoor kan buikvlies en buikvet of darm naar buiten puilen. Bij hoesten, tillen en persen puilt de zwelling naar buiten. Een liesbreuk kan pijn doen, maar dat hoeft niet. Bij klachten is een operatie mogelijk. In Ziekenhuis Rivierenland zijn daarvoor verschillende operatietechnieken mogelijk. Chirurg Takkenberg: “We bespreken altijd samen met de patiënt welke behandeling het beste geschikt is. Als mensen er weinig last van hebben, kun je ook besluiten niet te opereren maar het in de gaten te houden.”