Hypoglykemie

Mensen met diabetes kunnen te veel glucose (suiker) in hun bloed hebben, maar ook te weinig. Bij te veel glucose in het bloed heeft u een hyperglykemie of kortweg een hyper. Bij te weinig glucose in uw bloed heeft u een hypoglykemie of kortweg een hypo. Wat zijn de symptomen en wat kunt u doen als u een hypo heeft?

Afdeling

Diabetespolikliniek

Lees meer

Meer over

Wat zijn de oorzaken van hypo?

  • U heeft te veel insuline of de verkeerde insuline gespoten.
  • U heeft te weinig of te laat koolhydraten gegeten.
  • U heeft andere dingen gedaan dan u gewend bent.
  • U heeft meer lichaamsbeweging gehad dan normaal.
  • U heeft alcohol gedronken. Hiervan daalt uw glucosewaarde vaak enkele uren later.
  • Bepaalde medicijnen kunnen de suiker in uw bloed verlagen.
  • Soms krijgen mensen een hypo zonder te weten waardoor dit komt

Dit zijn de meest voorkomende symptomen van een hypo

  • hevig zweten
  • beven
  • duizelig worden
  • plotseling honger krijgen.

Een hypo kunt u ook merken aan

  • plotselinge moeheid
  • troebel of wazig zien
  • hoofdpijn
  • bleekheid
  • tintelende lippen
  • hartkloppingen
  • concentratieverlies
  • moeilijk ontwaken
  • veranderingen in uw humeur.

Behandeling

Wat kunt u doen bij een hypo?

Als u een bloedglucosemeter heeft, moet u als eerste uw glucosewaarde prikken. Is uw glucosewaarde lager dan 4 mmol/l, neem dan 20 gram koolhydraten (zie tabel). Koolhydraten zorgen ervoor dat de glucose in het bloed weer stijgt.

Product Hoeveelheid Gram koolhydraten
Dextro energy tabletten 4-6 tabletten 20 gram
Limonadesiroop 40 ml (3 eetlepels) 24 gram
Gewone frisdrank (kies geen light-variant)  200 ml (1 limonadeglas) 20 gram
Appel-, sinaasappelsap 200 ml (1 limonadeglas) 20 gram


Als uw bloedglucose lager is dan 4 mmol/l, neem dan nog een keer 20 gram koolhydraten (zie tabel).Controleer vijftien tot twintig minuten na het nemen van de koolhydraten of uw bloedglucose is gestegen.

  • Als de bloedglucose hoger is dan 4 mmol/l en u gaat binnen twee uur uw normale maaltijd eten, dan hoeft u verder niets te doen.
  • Als uw bloedglucose hoger is dan 4 mmol/l en u gaat niet binnen twee uur eten, neem dan extra koolhydraten in de vorm van fruit, ontbijtkoek, één snee bruinbrood, twee biscuitjes of iets dergelijks.

Heeft u vaker last van hypo’s? Bespreek dan met uw diabetesverpleegkundige hoe u dit kunt voorkomen.


Waar kunt u nog meer op letten?

  • Heeft u het gevoel dat uw glucosewaarde te laag is, maar bent u niet in de gelegenheid om uw bloedglucosewaarde te controleren? Neem dan toch extra koolhydraten (zie tabel). Controleer uw bloedglucosewaarde zo snel mogelijk.
  • Voelt u een hypo opkomen maar lijken de symptomen weer te verdwijnen? Meet dan toch uw bloedglucose. De symptomen van een hypo kunnen na tien tot dertig minuten minder worden, terwijl uw bloedglucose nog steeds laag is.
  • Ga niet door met eten als de symptomen van de hypo niet direct verdwijnen. U kunt namelijk nog steeds het gevoel van een hypo hebben, terwijl uw bloedglucose alweer aan het stijgen is. Wacht vijftien à twintig minuten na het nemen van de koolhydraten. Controleer dan uw bloedglucosewaarde opnieuw.
  • Verwacht u dat uw bloedglucosewaarde blijft dalen nadat u extra koolhydraten heeft genomen? Dit kan bijvoorbeeld als u meer beweging heeft gehad dan normaal. Eet dan een kleine hoeveelheid koolhydraten extra, bijvoorbeeld een cracker of een bruine boterham (15 gram koolhydraten).
  • Zorg dat u een hypo niet ‘overcorrigeert’ met te veel suiker of koolhydraten. Mensen die van zoet houden hebben soms de neiging om bij een hypo extra veel zoets te nemen, want nu mag het. Toch zijn veel zoete voedingsmiddelen minder geschikt voor het corrigeren van een hypo en uw bloedglucose kan snel weer te hoog zijn.
  • Heeft u vlak voor het naar bed gaan een bloedglucose lager dan 6 mmol/l? Dan is de kans op een hypo tijdens uw slaap een stuk groter. Eet dan voor het slapengaan een koolhydraatrijk tussendoortje, bijvoorbeeld een appel of een bruine boterham. Of u kans heeft op een hypo in de nacht hangt ook af van de soort insuline die u gebruikt. Uw diabetesverpleegkundige kan u uitleggen hoe dit werkt.
  • Heeft u meerdere hypo’s in de week op een bepaald tijdstip, bijvoorbeeld voor de lunch of voor het avondeten? Dan is het mogelijk dat u te veel insuline toedient. Neem dan contact op met uw diabetesverpleegkundige.

Contact

Uw diabetesverpleegkundige helpt u graag

Veel mensen met diabetes hebben regelmatig last van hypo’s. Heeft u vragen over hypo’s? Bespreek dit dan met ons tijdens de volgende afspraak. Wij helpen wij u graag!

Diabetesverpleegkundigen

  • (0344) 67 44 78, telefonisch spreekuur van maandag tot en met vrijdag van 08.30 tot 09.00 's ochtends en 13.30 tot 14.30 uur 's middags
  • Mail naar diabetespoli@zrt.nl