Sleeve injectie

Een sleeve-injectie is een injectie die de pijnklachten in de hals, borst of lage rug kan verminderen. In een sleeve-injectie zitten medicijnen (lokale verdoving en corticosteroïden). Deze medicijnen blokkeren de zenuwen die de pijn veroorzaken. Ook remmen ze de ontsteking of irritatie.

Afdeling

Pijnbestrijding

Lees meer

Meer over

Hoe is de wervelkolom opgebouwd?

  • De wervelkolom loopt van de hals tot het staartbeen (stuitje) en is opgebouwd uit wervels.
  • Tussen de wervels zitten tussenwervelschijven. Hierdoor kunnen de wervels ten opzichte van elkaar bewegen, bijvoorbeeld buigen en strekken.
  • De wervels zijn met elkaar verbonden met gewrichtjes. Deze gewrichtjes worden facetgewrichtjes genoemd.
  • Tussen twee wervels komen twee zenuwwortels uit de wervelkolom.

Waardoor worden de pijnklachten veroorzaakt?

Pijn vanuit de wervelkolom kan veel oorzaken hebben. De facetgewrichtjes kunnen bijvoorbeeld pijn veroorzaken als ze versleten zijn (artrose). De zenuwwortels kunnen ook pijnsignalen doorgeven. De pijn kan vlak bij de wervelkolom zitten, maar kan ook uitstralen naar bijvoorbeeld de benen of de armen.


Proefblokkade

Om te weten welke zenuwwortel de pijn veroorzaakt, doet de pijnspecialist eerst een proefblokkade. Dit gebeurt door de zenuwwortel met een injectie te verdoven. Verdwijnt daarna de pijn, dan weet de pijnspecialist welke zenuwwortel de sleeve-injectie moet krijgen.

Heeft u pijn in de lage rug met uitstraling? Dan weet de pijnspecialist door uw klachten en neurologisch onderzoek welke zenuwwortel de uitstralende pijn in uw been veroorzaakt. Een proefblokkade is dan niet nodig. In dat geval geeft de pijnspecialist de lokale verdoving tegelijkertijd met de corticosteroïden. Deze medicijnen halen de ontsteking of irritatie rond de zenuwwortel weg.

Voorbereiding

Hoe bereidt u zich voor op de behandeling?

  • U hoeft geen speciale kleding mee te nemen voor deze behandeling.
  • U kunt gewoon eten voordat de behandeling begint. Ook uw medicijnen kunt u gewoon innemen. Dit geldt niet voor bloedverdunners, zoals hierboven staat.
  • Bent u ziek of heeft u koorts op de dag van de behandeling? De behandeling kan dan niet doorgaan. U kunt een nieuwe afspraak maken.
  • U mag na de behandeling 24 uur niet zelf deelnemen aan het verkeer. Regel daarom vooraf vervoer terug naar huis.

Wat willen we van u weten voor de sleeve-injectie?

  • Gebruikt u bloedverdunners (antistollingsmedicatie)? Bespreek dit vooraf met uw medisch specialist. Het kan zijn dat u tijdelijk moet stoppen met uw bloedverdunners voor de behandeling.
  • Bent u zwanger? De behandeling kan dan niet doorgaan omdat er röntgenapparatuur wordt gebruikt. Dit kan schadelijk zijn voor de baby.
  • Bent u overgevoelig voor jodium, pleisters, contrastvloeistof of verdoving? Geef dit voor de behandeling aan ons door.

Behandeling

  • U krijgt de sleeve-injectie op de polikliniek Pijnbestrijding.
  • U wordt door de assistente naar de behandelruimte gebracht.
  • U gaat op uw buik of rug op de behandeltafel liggen. Dit hangt af van de plek waar u de sleeve-injectie krijgt.
  • De pijnspecialist bepaalt de juiste plaats voor de injectie met een röntgenapparaat en ijzeren liniaal. Hij of zij geeft de juiste plaats op de huid aan met een viltstift.
  • De huid rondom de injectieplaats wordt ontsmet met een koude, doorzichtige vloeistof.
  • De pijnspecialist legt steriele doeken rond de injectieplaats zodat er geen schadelijke bacteriën bij de plek kunnen.
  • De pijnspecialist brengt de naald op de juiste plaats. Hiervoor gebruikt hij of zij een röntgentoestel en een beeldscherm.
  • Om de positie van de naald goed te kunnen zien op het beeldscherm, spuit de pijnspecialist wat contrastvloeistof in.
  • Daarna spuit de pijnspecialist rond de zenuwwortel een kleine hoeveelheid verdoving in samen met corticosteroïden.
  • Hierna kunt u zich aankleden en in de rustkamer gaan zitten.
  • Na een half uur vraagt uw pijnspecialist u of de pijn door de sleeve-injectie duidelijk is verminderd.
  • De verdoving kan enkele uren duren, waarna u weer dezelfde pijn terugkrijgt als voor de sleeve-injectie. De corticosteroïden gaan na een paar dagen of weken werken.

Na behandeling

  • De eerste uren na de behandeling kunt u tijdelijk minder gevoel of kracht in uw armen of benen hebben.
  • Het gevoel in de huid kan tijdelijk minder zijn op de plek waar u de sleeve-injectie heeft gekregen. Dit kan een vreemd gevoel geven als u de huid aanraakt. Dit verdwijnt na enkele weken.
  • Na een sleeve-injectie kunt u pijn krijgen. Deze napijn duurt ongeveer een week en verdwijnt vanzelf weer.
  • Een enkele keer kan een allergische reactie optreden. Bijvoorbeeld door de ingespoten contrastvloeistof.
  • Heeft u diabetes? Uw bloedsuikers kunnen wat ontregeld raken door de corticosteroïden. Zeg daarom altijd tegen uw pijnspecialist dat u diabetes heeft. Dan kan uw bloedsuiker na de sleeve-injectie goed worden gecontroleerd.
  • Soms kan de zenuw geraakt worden. Hierdoor zal de pijn langer aanhouden. U kunt dan contact opnemen met uw pijnspecialist zodat u extra medicijnen krijgt.
  • Bij vrouwen kunnen corticosteroïden opvliegers veroorzaken. Ook kan de menstruatie eerder of later komen.

Wanneer kunt u pijnvermindering verwachten?

Het beste resultaat van de behandeling kunt u na twee weken verwachten.

Contact

Heeft u vragen direct na de behandeling?

  • Heeft u de eerste 24 uur na de behandeling klachten of vragen? Neem dan contact op met de Spoedeisende Hulp (0344) 67 42 54.
  • Heeft u 24 uur na de behandeling klachten? Neem dan contact op met uw huisarts of de huisartsenpost.

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen, stel deze dan gerust. Uw behandelend pijnspecialist geeft u graag meer informatie.

Polikliniek Pijnbestrijding (0344) 67 40 64 - poli.pijnbestrijding@zrt.nl
Secretariaat Pijnbestrijding (0344) 67 44 63 - secretariaat.ane@zrt.nl

De polikliniek Pijnbestrijding is bereikbaar op dinsdag, donderdag en vrijdag.