Weghalen van het buitenste uiteinde van het sleutelbeen (Laterale clavicula resectie)

Uw orthopedisch chirurg heeft een operatie aan de schouder geadviseerd. Deze operatie heet een laterale clavicula resectie (weghalen van het buitenste uiteinde van het sleutelbeen).

Afdeling

Orthopedie

Lees meer

Meer over

De schouder

De bovenzijde van de schouder wordt gevormd door het buitenste uiteinde (laterale) van het sleutelbeen en een gedeelte van het schouderblad (acromion). Deze delen vormen een gewricht, het acromionclaviculaire (AC) gewricht genoemd. Dit gewricht kan door verschillende oorzaken beschadigd of versleten raken.

Klachten

Bij slijtage of beschadiging van het AC gewricht kunnen met name bij bewegingen boven schouderhoogte pijnlijk zijn.

De pijn treedt specifiek op bij:

  • Het optillen van de arm.
  • Werkzaamheden boven het hoofd.
  • Het liggen op de schouder.
  • Kracht zetten
  • De arm voor de borst brengen

De pijn is vaak gelokaliseerd boven op de schouder en kan uitstralen naar de nek of de bovenarm en treed dikwijls ‘s nachts op, wat slaapklachten veroorzaakt.

Voorbereiding

Verdoving

De operatie vindt plaats onder algehele narcose met een pijnblokkade.

Behandeling

Bij de operatie wordt er een wond aan de boven/ voorzijde van de schouder gemaakt. Aan het buitenste uiteinde van het sleutelbeen wordt een stukje bot verwijderd. Hierdoor is het contact tussen het uiteinde van het sleutelbeen en het schouderdak niet meer mogelijk. De operatie duurt ongeveer 20 - 30 minuten.

Uw verblijf in het ziekenhuis is gemiddeld één nacht. Het ontslag is afhankelijk van de wondjes en hoe u zich voelt. Na de operatie krijgt u een draagband aangemeten, waarin u uw arm kunt laten rusten. Deze draagt u ter ondersteuning. De fysiotherapeut zal u oefeningen meegeven vóór uw ontslag uit het ziekenhuis. Deze oefeningen moet u thuis, minimaal drie maal per dag doen, om de schouder soepel te houden.


Complicaties

Bij elke operatie kunnen complicaties optreden. Bij de laterale clavicula resectie treden zelden complicaties op.

Complicaties kunnen zijn:

  1. Verklevingen in de schouder. Door de vorming van littekenweefsel kan de schouder stijf worden. Om dit te voorkomen is het belangrijk regelmatig de oefeningen te doen die u van uw fysiotherapeut heeft geleerd.
  2. Nabloeding. Het kan dan nodig zijn de wond opnieuw te spoelen via dezelfde operatiewondjes.
  3. Wondinfectie.
  4. Zenuwbeschadiging. Omdat er een snede in de huid wordt gemaakt, kan er een huidzenuw beschadigd raken. Dit geeft een doof gevoel in een gedeelte van de huid rondom de wond. Meestal verdwijnen deze klachten na verloop van tijd vanzelf, soms echter blijvend.

Na behandeling

U mag met de schouder alle bewegingen maken binnen de pijngrenzen. Start rustig; schakel zo nodig uw goede arm in om het bewegen te ondersteunen. Oefen regelmatig om stijfheid te voorkomen. Doe de eerste weken niet meer dan de pijn toelaat. Na verloop van tijd kunt u de arm steeds meer actief bewegen zonder dat dit pijn doet. De sling (draagband) is aangemeten ter ondersteuning van uw arm en voor pijndemping. Draag de sling alleen overdag en bouw deze op geleide van uw klachten af. Zodra de pijn het toelaat, mag u
de arm gebruiken bij dagelijkse activiteiten zoals wassen, kleden, eten. Fietsen en autorijden kunnen weer wanneer pijn en bewegingsmogelijkheden dit toelaten. Na vier tot vijf weken kunt u weer beginnen met werken afhankelijk van het soort werk dat u doet. Zo nodig bespreekt u dit met uw bedrijfsarts (of Arbo-arts) De meeste sporten kunnen vaak na 3 maanden weer worden uitgeoefend.

Oefeningen

De “circumductie oefening”

Bij het doen van de “circumductie oefening” mag u de arm uit de sling doen. U staat voorover gebogen steunt met uw niet geopereerde arm op, bijvoorbeeld, uw bed, uw geopereerde arm hangt ontspannen naar beneden. Draai ontspannen rondjes met uw arm gedurende een minuut, herhaal deze oefening drie maal en doe uw arm weer in de sling. U mag deze oefening meerdere keren per dag doen.

De “pendel oefening”

Bij het doen van de “pendel oefening” mag u de arm uit de sling doen. U staat voorover gebogen steunt met uw niet geopereerde arm op, bijvoorbeeld, uw bed, uw geopereerde arm hangt ontspannen naar beneden. Beweeg uw geopereerde arm ontspannen van voor naar achteren naast het lichaam of zijwaarts voor het lichaam gedurende een minuut, herhaal deze oefening drie maal en doe uw arm weer in de sling. U mag deze oefening meerdere keren per dag doen.

Contact

Mocht u na het lezen van de informatie of na de operatie nog vragen hebben, dan kunt u de orthopedie consulent bellen.

  • Orthopedie consulent (0344) 67 46 76. Telefonisch spreekuur op werkdagen tussen 11.00 uur en 12.00 uur.